Verhaal

Ervoor gaan

Thema 7 :

Mijn huis moet een huis van gebed zijn - ‘de tempelreiniging’ Mc 11, 15 - 19

 

Marcus vertelt …

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een woordje uitleg

 

Jezus doorziet heel scherp wat er in de tempel gebeurt. Van de offers die mensen ter goeder trouw brengen, houden priesters en levieten een beetje achter: ‚voor eigen levensonderhoud‘, leggen ze uit.

Dit mondt uit op serieuze misbruiken. Hij roept: „Jullie hebben er een rovershol van gemaakt!“ Jezus kan het niet langer aanzien dat de priesters misbruik maken van hun positie om kleine mensen uit te buiten.

Hij wil dat de tempel gebruikt wordt waarvoor hij gebouwd is: om daar samen te komen om God te eren en om er vergeving van zonden te bekomen. En daarbij komt nog dat de hele handel van offerdieren binnen in de tempel gebeurt. De tempel als Gods huis voor gebed is een shoppingcentrum geworden.

Daar wordt Jezus echt kwaad van.

 

 

 

 

Deel je initiatieven op ons VORMELINGENFORUM

Jezus en de leerlingen kwamen weer in Jeruzalem. Jezus ging de tempel in. Daar zaten handelaars, die geld wisselden en duiven verkochten. Jezus begon de handelaars en hun klanten weg te jagen. De tafels en stoelen van de handelaars gooide hij omver. En hij hield iedereen tegen die met spullen over het tempelplein liep.

Jezus legde uit waarom hij dat deed. Hij zei: ‘In de heilige boeken staat: «Gods huis is een plaats

waar iedereen mag bidden.» Maar jullie hebben het veranderd in een huis van dieven!’

De priesters en de wetsleraren hoorden wat Jezus zei. Ze dachten na over een plan om hem te doden. Ze waren bang voor hem. Want het hele volk was diep onder de indruk van wat Jezus vertelde.

’s Avonds gingen Jezus en de leerlingen de stad weer uit.

Herselt Hulshout Westerlo